Een katheter is een dunne, holle slang waar urine uit kan lopen. De katheter wordt via de plasbuis, of soms via de buikwand, in de blaas gebracht zodat urine kan worden afgevoerd. Een katheter valt onder afvoerend continentiemateriaal. Dit zijn hulpmiddelen die urine uit het lichaam afvoeren, in tegenstelling tot incontinentiemateriaal, dat urine juist opvangt. Continentieverpleegkundige Chantal werkt er dagelijks mee en deelt haar ervaring.
Twee openingen, twee functies
Een katheter oogt als één simpele buis, maar heeft eigenlijk twee openingen met elk een eigen functie:
- Eén opening om de ballon mee te vullen. Zodra de ballon in de blaas is opgeblazen, sluit het de plasbuis van binnenuit af. Zo blijft de katheter op zijn plek zitten en kan de urine via de buis naar buiten lopen.
- Eén opening waar de urine daadwerkelijk uitloopt, richting het opvangzakje.
Knip je een katheter door, dan zie je dat het inwendig uit twee gescheiden kanalen (lumens) bestaat: één waar de urine doorheen stroomt, en één veel dunner kanaal waarmee de ballon wordt gevuld en geleegd.
Wanneer krijgt iemand een katheter?
Een katheter wordt in verschillende situaties ingezet. De meest voorkomende zijn:
- Na een operatie, wanneer je tijdelijk niet zelfstandig kunt plassen of om bedrust te houden.
- Bij urineretentie, als je onvoldoende kracht hebt om de blaas leeg te krijgen en er urine achterblijft.
- Bij incontinentie, dit kan, maar geldt meestal niet als eerste keuze, omdat andere opties, zoals opvangmateriaal, vaak minder ingrijpend zijn.
Chantal waarschuwt voor een misvatting die ze vaak tegenkomt: “Bij een katheter zie je nog weleens dat het als iets gemakkelijks wordt gezien, maar er zitten ook risico’s aan vast. Het is daarom belangrijk om jezelf steeds de vraag te blijven stellen of de katheter nog nodig is.”
“Er kunnen bijvoorbeeld blaaskrampen ontstaan, doordat de ballon geen natuurlijk onderdeel van het lichaam is. De blaas probeert het er als het ware uit te werken,” vertelt Chantal. “Bij mannen uit zich dat vaak als pijn aan het puntje van de penis. Gelukkig zijn daar oplossingen voor.” Ook lekkage rondom de katheter komt voor.
Hoe groot is een katheter?
De diameter van een katheter wordt uitgedrukt in Charrière, afgekort Ch (of CH). Eén Charrière staat gelijk aan een derde millimeter. Hoe hoger het Ch-nummer, hoe dikker de katheter. De meest gangbare maten zijn Ch 14 en Ch 16. Om verwarring te voorkomen is er wereldwijd een vaste kleurcode gekoppeld aan elke maat, zodat je de maat ongeacht merk of fabrikant direct herkent aan de kleur van het ventiel.

Welke katheters zijn er?
Katheters worden gemaakt van verschillende materialen, die elk een andere maximale verblijfsduur hebben:
- Latex — kan tot ongeveer 14 dagen blijven zitten.
- Gecoat — kan tot 6 à 12 weken blijven zitten.
- Siliconen — kan tot maximaal 12 weken blijven zitten.
Let wel op: de exacte verblijfsduur kan per fabrikant en richtlijn verschillen. Check bij twijfel altijd de productinformatie of overleg met een (continentie)verpleegkundige.
Daarnaast bestaan er verschillende typen katheters, elk met een eigen toepassing:
- Eenmalige katheters: voor intermitterend katheteriseren, waarbij de katheter na gebruik direct weer wordt verwijderd.
- Vrouwenkatheter of sp katheter: korter dan de mannenkatheter, aangepast aan de anatomie van de vrouw.
- Gewone verblijfskatheters: Deze katheter is langer in de lengte en wordt gebruikt bij mannen.
- Tiemann katheter: een katheter met een gebogen punt, speciaal ontwikkeld voor mannen. Deze punt maakt het makkelijker om de katheter langs een eventuele vernauwing in de plasbuis in te brengen, bijvoorbeeld door een vergrote prostaat.


Vragen over katheters?
Twijfel je welke katheter bij jouw situatie past, of heb je vragen over vergoeding? Bij Vomedex denken we met je mee — samen met continentieverpleegkundigen zoals Chantal zorgen we dat je het juiste materiaal krijgt.

